Johannesburg - Johannesburg April - Mei 200917 april – 10 mei 2009 Voorbereiding: De voorbereidingen gingen niet zo vlot. Althans voor een dergelijke reis als dit dien je je goed voor te bereiden. Iets wat me deze keer niet goed gelukt is. Ik had pas de dag voor vertrek het hotel en de autohuur rond dus niet echt ontspannen op vakantie gaan, althans voor mij. Donderdagavond nog vlug even pakken en vrijdag opruimen zodat we rond het middaguur naar Dusseldorf konden vertrekken.
Vrijdag 17 en zaterdag 18 april: Dusseldorf airport is lekker klein en overzichtelijk. Er zijn drie hallen die direct bij de incheckbalies komen. Buiten wordt er helaas niet goed aangegeven welke airline in welke hal zit, maar alles is klein dus je bent zo van hal C naar hal A gelopen (of andersom). Het inchecken kun je het beste 24 uur van te voren doen via internet. Dan heb je de beste kans op goede stoelen. Nu zaten we met 4e naast elkaar in het middenpad, helemaal achterin. De vlucht is met British Airways van Dusseldorf via Londen naar Kaapstad. We hadden 2 uur overstaptijd in Londen. We vertrokken om 16:40 uur vanaf Dusseldorf en kwamen de volgende ochtend om 08:35 aan in Kaapstad. De vlucht van Dusseldorf naar Londen was een rustige vlucht. De stoelen waren ruim maar er was geen tv etc. aan boord. Voor zo’n korte vlucht is dat geen probleem. De douane in Dusseldorf waren makkelijk. Tassen op de band, door een scanner heen en naar de gate. In Londen ging het er anders aan toe. Ook als transit passanger moesten we weer door een hele controle. We moesten onze schoenen en riemen zelfs uitdoen. In Dusseldorf waren Gabi en Roland de pineut en werden nogmaals gecontroleerd met een apparaatje. In Londen was ik de pineut en werd ik helemaal gefouilleerd. Daarna vlug even iets eten want we dachten weinig tijd te hebben. We waren even vergeten dat Londen 1 uur achter loopt dus konden we wachten bij de gate. Gelukkig hadden we kleine kinderen bij dus mochten we al snel aan boord. Tafeltje uitklappen en lekker kleuren. Goede afleiding en geen gewring om in het vliegtuig te komen. Na een lichte vertraging, er moesten weer koffers uit het bagage ruim gehaald worden, konden we vertrekken. De stoelen leken smaller dan bij de Europese vlucht. Wel had elke stoel een eigen Tv’tje met keuze uit tientallen films etc. Dus er was voor ieders wat wils. De stewardessen waren beleeft en de kinderen doen het goed. Binnen no-time lag Lara te slapen en na het eten ging ook Gabi snel onder zeil. Het eten is, ja wat zal ik er van zeggen, zoals bij elke airline… niet echt om over naar huis te schrijven, maar het was toch goed weg te krijgen. De kinderen kregen eerst hun maaltijd. Dat was wel fijn. Echt een aanrader bij kleine kinderen, althans voor de ouders want Gabi vond ons eten lekkerder. Eenmaal geland in Kaapstad moesten we door de douane. Daar kregen we, na een simpele vraag of we hier voor vakantie waren en zo ja voor hoelang, zonder enig probleem onze visa en konden we doorlopen. Bij de aankomsthal stond er iemand te wachten van Thompson (daar hadden we de auto geboekt) om ons te begeleiden naar de Avis verhuurbalie. Wat een luxe. Daarna werden we verwezen naar de parkeerplaats waar de auto zou staan. We waren nog maar net op weg toen iemand van Avis ons kwam helpen door ons naar onze auto te brengen. We hadden een VW polo of gelijkwaardig gehuurd. Nou daar stond een grotere auto, dan wij verwacht hadden, klaar. Een toyota corolla sedan. Met riante kofferbak etc. dus alles paste er ruim in. Toen op weg naar het hotel. Dat kon niet mis gaan werd ons gezegd. Nou wij kregen het toch weer voor elkaar om verkeerd te rijden. Na even wat zoekwerk hebben we de Protea Breakwater Lodge dan toch gevonden. De Protea Breakwater Lodge is een low budget hotel in een oude gevangenis. De buitenkant ziet er nog uit als een gevangenis. Binnen is alles klein, verouderd maar schoon. We hebben 2 aparte kamers die verbonden zijn via een klein halletje met douche en wc. Ik moet in de douche gaan staan om de deur van de badkamer dicht te doen zo klein als het is maar de straal van de douche is goed en de shampoo en douchegel zijn heel fijn. Het hotel wordt ook veel gebruikt door studenten van de Business school die ook in dit gebouw zitten. Het was een heel gezoek om nadat we onder begeleiding onze kamer hadden gevonden weer terug te komen bij de receptie. Uiteindelijk hebben we een weg gevonden naar buiten en zijn we via de tuin om het gebouw heen gelopen om zo bij de receptie te komen. Echt…. We moeten nog veel zoeken. We zijn vanmiddag gaan wandelen naat het centrum van Kaapstad. Eerst nog even een broodje scoren want we hadden inmiddels allemaal weer honger. Onderweg kwamen we een Starsubs (vergelijkbaar met de Nederlandse Subway) tegen. Hier hebben we lekker gegeten en niet duur, R126 voor 2x 30 cm broodjes met alles erop, 3 warme chocolademelk en een cola. Ook kon je hier internetten. (normaal R25, nu R15 voor 60 minuten die je in 3 dagen kunt opmaken) op zoek naar Cityhall en het Kasteel van de goede hoop. Het kasteel was net gesloten dus konden we niet meer naar binnen maar van buiten ziet het er ook mooi uit met zicht op de bergen. De wandeling was langer dan we dachten dus hebben we een taxi terug naar het hotel genomen. Nou dat koste hier niets (R10 per KM). Je moet ook niet vragen in wat voor auto dat we dwars door de stad zijn gescheurd. Die auto zou bij ons allang op de stort hebben gelegen zo gammel als die was. De taxi chauffeurs was heel aardig en heeft ons keurig behandeld. Dat is iets wat ons hier echt opvalt. Er is een groot verschil tussen arm en rijk maar ze zijn allemaal even behulpzaam en aardig. Het enigste waar ik nog aan moet wennen, naast het links rijden, is dat er hier busjes rondrijden die als ze mensen zien wandelen beginnen te tuteren om te kijken of je een ‘lift’ nodig hebt. Ik ben er alleen nog niet achter hoe dit werkt dus dat moet ik eerst uitzoeken voordat ik hier gebruik van maak. ’s Avonds zijn we gaan eten in het hotel. Nou niet verkeerd voor een hotelbuffet. En prijstechnisch helemaal niet verkeerd, R400 voor 2 volwassenen en 2 kinderen. Vooral ook omdat ze niet alles in rekening hadden gebracht.
Zondag 19 April 2009 De dag begon laat. We hebben eerst even goed uitgeslapen en lekker lui gedaan. Bij het hotel kost een continentaal ontbijtbuffet R105 p.p. Nou dat vonden wij te duur dus zijn we op zoek gegaan naar een plek om te ontbijten. Dus in de auto om vervolgens de auto te parkeren bij V&A wharf (ongeveer 1 km verderop). Dit is een overdekt winkelcentrum aan de haven. Allerlei duren zaakjes en gezellige eettentjes. Buiten is het toeristisch en wordt je steeds gevraagd of je met hun tour mee wilt gaan. Er hangt een hele gezellige sfeer. Er is wel veel politie en beveiligingspersoneel maar dit is niet storend. Bij Melissa’s zijn we gaan ontbijten. Nou echt een aanrader. Het is er constant druk en het personeel loopt haar benen onder hun kont vandaan. Toch moet je even geduld hebben want de organisatie verloopt wat verwarrend. Maar de croissants, het brood en de muffins waren heerlijk. Ook de koffie was door Roland als erg lekker beoordeeld. (dat in tegenstelling tot de koffie in Amerika). Uiteindelijk waren we voor 3 croissants met boter, 2 grote muffins, een roerei met spek en gebakken tomaat, 3 melk, een koffie en een thee R 176 , inclusief tip, kwijt (ze waren wel vergeten de 3e melk aan te slaan, komt hier dus wel vaker voor). Na het late ontbijt (je kunt beter zeggen brunch want we waren pas om 11.15 uur weg) zijn we eerst even langs het water gaan wandelen om er achter te komen dat we eigenlijk de achteringang hadden. Bij de pieren lagen bootjes voor excursievaarten. Na een wandeling kwamen we uit bij de Clock Tower. Een rood torentje met een klok. Tevens vetrok vanaf hier de ferry naar Robben Island. Je vaart met een catamaranboot naar Robben Island. Het weer was minder, veel wind op de open zee dus de boot ging van links naar rechts door het water een. Ik was blij dat het weer even geleden was dat ik gegeten had want dat gehobbel op het water is niets voor mij. Op robben Island kregen we eerst een bustour over een gedeelte wan het eiland met de nodige uitleg. Zo heeft Nelson Mandela 18 jaar in deze gevangenis gewoond. Hij 6 jaar in een aparte afdeling heeft gezeten waar hij alleen zat, binnen door 2 wachters bewaakt werd en er nog eens 4 buiten om gebouw heen liepen te patrouieren. De bewaking was nog niet zo erg, hij mocht 6 jaar lang niet praten. Uiteindelijk werd dit hem bijna te veel. De uitleg wordt in het Engels gegeven, iets wat de kinderen nog niet verstaan. Niet dat dit een probleem was want die waren druk aan het kijken naar de vele konijnen (er zijn ongever 8000 konijnen op het eiland) en pinguïns. Na de bustour kregen we een rondleiding door de gevangenis. De rondleiding werd gegeven door een ex-gevangene. Hij had hier 5 jaar gezeten. De ‘prive’ kamertjes waren zeer klein. Ze hadden in de begin jaren slechts een dun matje, een paar dekentjes en een ton voor de behoefte. Nelson Mandela had dan ook nog de mogelijkheid gekregen om boeken te lezen en had dus ook een boekenkast. Na even in zo’n cel te hebben gezeten, iets waar ik een draaiend gevoel van in mijn buik kreeg, gingen we naar de anders blok. Dit was een gezamenlijk blok waar ze soms met 40 tot 60 personen op een kamer lagen met slechts 2 open wc’s en 3 doucheskoppen, 3 wastafels. Er stonden nu stapelbedden in maar in de begin jaren hadden ze alleen maar een matje en je tenue. Nadat er eenmaal bericht naar de buitenwereld was gekomen over hoe de gevangenen sliepen etc. is het rode kruis in actie gekomen en heeft verbeterende omstandigheid bewerkstelligd. Na de tour weer op de boot. Eenmaal weer op het vaste land was het weer tijd om te gaan eten. Na even wat rondkijken kwamen we terecht bij Quay 4. Een vistent aan het water. Hier was het druk en gezellig. Nou het eten was super lekker en niet duur. Rond 20.15 uur begon er ook nog eens een live blues band te spelen. Echt super. Helaas waren de kinderen moe dus zijn we terug gegaan naar onze hotelkamer.
maandag 20 april 2009 Rond 9.30 uur zijn we begonnen aan onze reis naar Kaap de Goede Hoop en Kaappunt. Eerst hebben we een stuk snelweg gehad. Daarna ging het over in de kustweg. Muizenberg is klein en iets wat vervallen. Toch staan er een aantal charmante gebouwen. Bij het doen van de boodschappen viel het ons op dat er veel politieagenten en beveiligingsmensen op straat zijn die alles goed in de gaten hielden. Na lekker bij Simonstad Bay langs het water gebruncht te hebben en uitgewaaid te zijn, zijn we weer op pad gegaan. De volgende stop was bij Boulders. Hier leeft een pinguïn kolonie. Nou echt geweldig. Je liep gewoon tussen de pinguïns door. Hou wel een beetje afstand want Pinguïns kunnen hard pikken. Helaas heb ik dat mee mogen maken toen ik het park in wilde. Er stond achter het poortje een pinguïn die eruit wilde. Nou dat mocht dus niet dus ik versperde direct zijn pad met als gevolg dat ik direct een boze pinguïn voor me had staan die dat toonde door mij hard in mijn been te pikken. Je kunt gewoon door de duinen en over de stenen lopen om zo op zoek te gaan naar verscholen pinguïns. De meiden hebben heerlijk gelopen en geklauterd. Uiteindelijk zijn we toch doorgereden richting Kaappunt (cape point). Onderweg hebben we even gestopt bij het VVV voor een kleine wandeling. Al snel zagen we 2 schilpadden. Na een paar stops, om bavianen te fotograferen kwamen we dan toch aan bij Cape Point. Hier staat de oude vuurtoren waar je kunt gaan kijken naar het mooie uitzicht. Je kunt omhoog lopen (ze zeggen 25 min. lopen) of met een treintje omhoog gaan (gaat elke 3 min.). Mooi uitzicht. Gabi was boos want ze wilde geen trappetjes meer lopen. Van een kant begrijp ik dat wel want het zijn tussen de 180 en 200 treden die je omhoog (en omlaag) moet lopen (van het laagste uitkijkpunt naar het hoogste, ga je niet naar het laagste uitkijkpunt dan zullen het er ongeveer 50 a 60 zijn). Maar ze was weer goed haar zin aan het doorduwen maar daar trapt deze mama niet in. Uiteindelijk was er een meneer die het niet aan kon zien en haar oppakte en naar mij toe droeg. Vanaf de verschillende uitkijkpunten heb je mooie uitzichten. Toen weer met het treintje naar beneden en op naar Kaap de Goede Hoop. Nou hier was het ‘nummertje trekken’ want je kon in de rij staan om een foto te maken van achter het bord. Je hebt hier ook een wandelpad maar onze meiden waren te moe dus hebben we dit niet meer dit niet meer gedaan. Op de terugweg wilde we de Chapmans Peak drive (senic route, tolweg) rijden maar deze was afgesloten dus toen via een kleine omweg weer verder. Nu zaten we blijkbaar in de spits. De straten waren bepakt met lopende mensen, maar in de verre verte waren geen huizen te zien. Wij klagen vaak als we een paar km moeten fietsen. Nou hier lopen ze elke dag een paar km van en naar hun werk. En blijkbaar hebben ze goed te eten want de figuren van de vrouwen zijn volslank. Onderweg reden we ook langs grote achter hoge muren staande huizen maar ook langs krotten. Links van de weg stonden de krotten en rechts de dure huizen. Leuk kontrast. Uiteindelijk kwamen we rond 6.15 weer bij V&A Wharf waar we hebben gegeten bij Karibu, een Afrikaans restaurant. Het zag er allemaal sjiek uit maar we goed betaalbaar. Het grappige is dat er mensen buiten staan om je over te halen bij hun binnen te komen om te eten. We hadden 2 hoofdgerechten en een paar bijgerechten en 3 toetjes na. Het eten was goed maar de toetjes waren voortreffelijk. Vooral de Malva pudding is, ja hoe zal ik het zeggen… mijn mond loopt nu nog te watertanden zo lekker. Uiteindelijk waren we R650 kwijt. Daarna weer terug naar het hotel om te gaan slapen na een vermoeiende dag uitwaaien.
PS. Laat je niet verrassen want ook al schijnt het zonnetje amper, je kunt goed verbranden.
Dinsdag 21 april ’09 De dag begon verwarrend. We zouden met een Township tour meegaan van African Eagle maar er was een mix-up geweest en ze hadden ons nu voor de middag geboekt. Dus nu voor niets er vroeg uit. Toen zijn we maar met de Hop-on Hop-off bus mee gegaan( de rode route, en is nl. ook nog een blauwe route -> samen R200 p.p. voor 2 dagen). Eerst kregen we informatie in het Engels tot we er achter kwamen dat er ook Nederlands gesproken werd. Helaas werken niet alle koptelefoontjes en kastjes en als het al werkt moet je wel uitkijken dat je geen opdonder in je oor krijgt. Sommige vallen nl. snel uit elkaar. De informatie die je krijgt is wel leuk om te weten. Uiteindelijk zijn we even bij Tafelberg er uit geweest maar de gondel deed het nog niet dus alleen vanaf het basisstation het uitzicht bewonderd. Daarna verder naar de luxeren wijken Camps Bay en Clifton. Na de tour hebben we vlug wat gegeten en onze dingen gepakt/thuisgelaten voor de Townshiptour. Eerst iedereen even ophalen (de Deco Lodge is in een mindere wijk, dit is de wijk waar vroeger de zwarte woonde. Deze zijn uit hun huis gezet omdat ze hier een blanke wijk wilde maken dus de huizen die er stonden werden afgebroken voordat er bekend was of er wel blanke wilde wonen. Dit laatste was dus het niet geval en nog steeds liggen er grote kale vlaktes in de stad. Het gebied ten oosten van Buitenkant is minder mooi. Veel van de huizen zijn beveiligd met tralies en ijzeren deuren voor de buitendeur etc. Op schuttingen is prikkeldraad gespannen en ga zo maar door. De eerste dag hadden we al naar het station gelopen en toen vond ik het al niet zo guur (kwam deels ook wel omdat het later op de dag was en iedereen hun kraam al aan het opruimen was). Nu was het in de ochtend en nog voelde het niet prettig om daar te zijn. Misschien is het wel wennen. Ik weet het niet. Na de rondrit door District six zijn we gestopt bij District Six museum waar we een half uurtje rond konden kijken. Het is wel raar hoor om zo alles te zien. Je gaat echt jaren terug in de tijd. Daarna zijn we naar de oudste township van Kaapstad gegaan te weten Langa. Hier wonen ongeveer 250.000 mensen. Een groot gedeelte is werkeloos. Vrouwen werken vaak in de buitenlucht waar de schapenhoofden klaarmaken en verkopen. Eerst schroeien ze de haren eraf (vuurtje stoken en met een stuk ijzer in het vuur houden en daarna de schaapshoofden schoon branden. Voor de restaurants moeten ze de schapenkoppen ook nog koken. De supermarkt is achter ijzeren deuren en vaak staan er zeecontainers waar ze een winkel in gemaakt hebben. De gezinnen zijn vaak groot en als ze geluk hebben dan hebben ze een kamer in een hostel kunnen huren. Voor een vervallen gebouw betaal je voor een kamer van 2,5 x 3,5 (waar dus 3 bedden in staan) R20 per bed per maand. Op zo’n kamer wonen dan gezinnen bestaande uit tussen de 8 en 15 personen. Ik snap nog steeds niet hoe ze het voor elkaar krijgen. Ze hebben een gezamenlijke ruimte waar 2 picknicktafels staan en een wasbak, een gezamenlijke douche en wc ruimte. Wat wel opviel was dat de oudere kinderen op een matras in de gezamenlijke ruimte slapen en dat iedere kamer een tv heeft. Daarnaast gaan de kinderen naar school en als er geld voor is dan gaan ze naar college. De jongens die wij gesproken hebben waren zeer gedreven om te studeren. Overdag was het te druk dus als ’s avonds iedereen ging slapen dan gingen zij leren. Als je weet dat de gemiddelde arbeider (dus als men al werk heeft) uit een township R2500 per maand verdient, hiervan het grote gezin moet onderhouden en dat een jaar naar college gaan R9000 kost dan kun je begrijpen dat dit veel geld is. Vooral omdat ze meerdere kinderen hebben. Ze hebben inmiddels ook al een aantal nieuwe hostels gebouwd en hiervoor moet je aan een aantal criteria voldoen om met je gezin in te mogen wonen. Dan heb je wel een eigen woonkamer/keuken en een paar slaapkamertjes. Dit is dus een hele vooruitgang. Het grappige is dat ze hier nog werken met bruidschatten als men wil trouwen etc. Echt zo achterhaalt als je het met onze cultuur vergelijkt. Nadat we lekker uitgeklets waren en nog de nodige dingentjes gekocht hadden, zijn we verder gereden naar de sjacks (houten vervallen krotjes met een golfplaten dakje. Ook hier hebben we de lokale bevolking gesproken. De kinderen waren helemaal weg van ons. Vooral toen ze in de gaten kregen dat je met een digitale camera door een schermpje kan kijken en dan een foto of een filmpje kunt maken. Alle kinderen sproken voor de camera om de raarste bekken te trekken en om te laten zien hoe goed ze konden dansen etc. Overal waar we heen gingen werden we gevolgd. Ook hebben we hier de Sheebeen (locale bar) ingegaan om een zelfgemaakt biertje te drinken. Het smaakte alleen niet naar bier. Als laatste op de tour zijn we nog even naar Khayelitsha gegaan om daar de medicijnman geweest om te kijken naar zijn kantoor met de verschillende kruiden, dieren attributen etc. De kinderen vonden dit maar niets maar hadden buiten al snel contact met 2 locale meisjes. Grappig om te zien dat kinderen niet dezelfde taal hoeven te spreken om elkaar iets duidelijk te maken. Na de tour werd iedereen weer naar huis gebracht en konden we gaan eten. Nadat de kinderen te bed lagen was het tijd om op te ruimen en weer in te pakken. Weer een heel indrukwekkende dag gehad.
Woensdag 22 april ’09: Vandaag is het al weer tijd om Kaapstad achter ons te laten. We staan vroeg op zodat we nog even kunnen ontbijten maar helaas vliegt de tijd voorbij en is het al weer tijd om naar het vliegveld te gaan voor een binnenlandse vlucht. Op weg naar de luchthaven herkennen we al weer de shags die we de dag ervoor gezien hebben. We bemerken nu alleen pas hoeveel het er eigenlijk zijn. Het is rustig op de weg ondanks dat het 8.15 uur is. Vandaag is votingday (dag om te stemmen) en iedereen is in de ban van de verkiezingen. Eenmaal bij de luchthaven was het even zoeken waar we de auto weg moesten brengen. We zagen een bord met Avis dus keken we niet verder. Bleek dat we fout zaten. Achteraf zagen we de borden voor het terug brengen van de auto. Eenmaal de auto neergezet zijn we in gaan checken. De luchthaven is een beetje een rommeltje. Ze zijn veel bezig met bouwen, waarschijnlijk om alles in orde te hebben voor de WK 2010. Op de luchthaven hebben we vlug wat gegeten maar dat was niet echt een succes. Toen vlug naar de gate. We waren nog net op tijd om met de bus mee te gaan. We dachten een heel eind te moeten rijden maar na 200 meter stopte de bus en waren we al weer bij het vliegtuig. Het vliegtuig was niet denderend. De stoelen waren smal. Het zag er allemaal een beetje oud uit. De raps zagen er goed uit maar het brood was droog. Gelukkig was het maar een korte vlucht. Johannesburg is een grote luchthaven. Lange gangen met rolbanden brachten ons bij onze bagage. Na eenmaal alles bij elkaar te hebben gingen we naar buiten. Daar was het even zoeken naar ons contactpersoon van Bobo. Helaas was zij te laat of wij te vroeg. Maar na even wat rondlopen zag ik het bordje met Koers erop dus sprak ik haar aan. Na even tot rust te zijn gekomen zijn we met ons karretje op de roltrap gegaan. Blijkbaar zijn de karretjes hiervoor gemaakt want dat ging zonder problemen. Gelukkig dat iemand ons op kwam halen want anders waren we waarschijnlijk verdwaald. Toen op weg naar het kantoor van Bobo. De Johannesburg locatie ligt in Kempten Park. We komen langs een aantal luxe huizen. De locatie is niet echt groot maar alle campers zien er piekfijn uit. We krijgen eerst een kop koffie/thee en we behandelen het papierwerk. Daarna krijgen we uitleg over de camper. De motorkap staat open om te laten zien hoe de staat is er waar alles zit om de olie en de koelvloeistof te controleren. Daarna even rond de camper om de schade noteren. Na even de weg naar Vrede te hebben gevraagd konden we op weg. We zijn via de snelwegen 12 naar de 3 gegaan om vervolgens bij de provinciale weg 34 naar Vrede te rijden. Onze eerste indruk is heel verwonderlijk. We zitten op de snelweg en zien een bord met daarop “Pas op voor wandelaars en tractoren”. En dat op een weg waar je 100 of 120 km per uur mag rijden. Het dringt nog niet echt tot ons door totdat we inderdaad mensen in de berm zien lopen. De snelweg is redelijk, af en toe zie je een waarschuwingsbord voor ‘potholes”. De locale wegen zijn minder en er zitten meer gaten in de weg. Gelukkig wordt dit redelijk goed aangegeven als er gaten in het wegdek aankomen. Ook zijn er op de locale wegen wasborden in het wegdek. Qua landschap zien we alleen maar uitgestrekte velden met koeien of uitgedroogde maïs. Vrede wordt goed aangegeven. Op de N3 moet je tol betalen. De eerste keer betalen we R29. De volgende keer moeten we R41 betalen. Niet veel maar je kunt ook net voor de 2e keer tol betalen van de snelweg afgaan (provinciale weg 103). De Moreson Ranch staat goed aangegeven. Let alleen even goed op de overgang van verhard naar onverharde weg. Als de weg onverhard wordt dan moet je nog ongeveer 5 km. Je hebt het gevoel dat er niets meer is maar blijf gewoon doorrijden. De zandweg is goed. Op een gegeven moment zie je de ingang. Er staat aangegeven dat het privéterrein is. Ga door het hek i.p.v. over het wildrooster. Als je naar rechts houdt kun je waarschijnlijk er wel onderdoor maar het hek is veiliger. Als snel worden we verrast door een kudde gnoes. Na 2 km. zien we ineens de Ranch opduiken. Als we ons wil melden zien we ineens 2 welpen voor de bar liggen. Je kunt ze gaan aaien maar dit is wel op eigen verantwoordelijkheid. Het aaien laten ze overigens wel toe. Maar doe niets onverwachts. We geven aan dat we de nacht willen overnachten op hun camping en er wordt een beetje nors geantwoord dat dit kan. ’s Avonds merken we dat de service toch goed is maar dat het per persoon verschilt. Lizzy is erg vriendelijke en een praatgraag. Erg gezellig. De ranch heeft naast de camping (veelal met een eigen huisje waar wc en douche inzitten) ook chalets en een trouwkapel. Verder hebben ze een bar, een gezellig restaurant (met goede kok -> de steaks and de sparerib zijn echte aanraders), biljarttafels, overdekt zwembad en het nodige wildleven. Zo hebben ze 5 of 6 krokodillen, meerdere leeuwen en welpen. Verder kun je op een gamedrive, quads huren of genieten van de rust. Die kun je hier genoeg vinden.
Afstand: 227 KM Reistijd: 3 uur Overnachting: Moreson Ranch Kosten: R180,- (incl. ontbijt)
Donderdag 23 april ’09 Na even lekker rustig wakker te zijn geworden, zijn we weer naar het restaurant gegaan voor het ontbijt. Toen kwamen we erachter dat dit inclusief is. Daarna zijn we op een gamedrive gegaan. Nou dat was wel even wennen. We zaten met een anders stel in een jeep. Na een steile helling op te zijn gegaan zagen we het eerste wildleven al. Een kudde springbokken. Niet veel later zagen we ook nog struisvogels, gnoes, en in kooien zagen we ook nog witte leeuwen, wilde honden en een tijger. Op de terugweg zagen we ook nog zebra’s en paarden. Dit was allemaal wel raar om te zien. Het duurde voor de kinderen alleen wel een beetje lang. Uiteindelijk was het rond half twee dat we vertrokken. Eerst nog even tanken (lampje begon al te branden dus Roland begon zich toch wel ongerust te maken) en boodschappen doen in Vrede, een in slaap gevallen dorpje, en dan op weg naar Royal Nathal NP. Via de provinciale wegen 34 en de 103 zijn we aangekomen bij snelweg 3. Dit is een 2 baans snelweg door een savanneachtige heuvellandschap met af een toe een kudde koeien. Ook nu worden we verrast op de snelweg, waar je 100 of 120 km per uur mag, met waarschuwingsborden “Pas op voor voetgangers” en “Pas op voor tractoren (20 km p/u)”. Aangezien we erge honger krijgen en er geen picknickplaatsen zijn besluiten we langs de kant van de snelweg de camper even in de berm te zetten. Onderweg komen we plaatsen tegen als Waarden, een voor hier wat grotere plaats, en Harrismith, een grote plaats met winkelcentrum (goed voor de grote boodschappen). Hier gaan we via snelweg 5 over op provinciale weg N74. De N74 is een hele mooie weg door een bergachtig gebied. De eerste stop die we onbedoeld maken is bij Sterkfontijn Dam Nature Reserve. Dit heeft een hele mooie vergezicht over het water. Wij kwamen hieraan bij schemering dus besloten we even een paar foto’s te maken en snel door te rijden. De afslag naar Royal Nathal NP staat slecht aangegeven. Je dient de afslag Northern Drakensberg aan te houden. De weg naar het Royal Nathal NP is verbazingwekkend, we rijden door een soort townships. We komen hier tegen zonsondergang aan dus alles ziet er schemerig uit. Hierdoor lijkt de alles nog armoediger en chaotischer. Echt dit was zelf een beetje eng. Zorg dus ook dat je voor 4 uur van de N74 af bent want dan is het nog 20 KM maar het park. We komen aan bij Royal Nathal Mahai Camp. Dit is een luxe camping midden in het Nationale Park. Iedere campingplaats heeft zijn eigen barbecue, er zijn meerdere campingplaatsen met stroomaansluiting. Het sanitaire is schoon en er is zelfs een bad (wij troffen het niet want het water was lauw). Er zijn mooie grote afwasplekken met een boiler waar je gekookt water kunt tappen en er is zelfs, tegen een kleine vergoeding (onderhandelbaar, vaak R15 of R20) de mogelijkheid om de afwas te laten doen. Er zijn wasmachines en drogers. Voor R5 kun je de was doen. De droger werkt alleen niet zo goed als bij ons maar als je hier langer blijft dan zijn er droogmolens waar je de was op kunt hangen om te drogen. Na wat eten en even genoten te hebben van de rust zijn we allemaal in diepe slaap gevallen.
Afstand: 204 KM Reistijd: 3 uur, 15 min. Overnachting: Royal Nathal Mahai Camp Kosten: R80 p.p. en kinderen krijgen 50% korting Excursie: Gamedrive bij de Moreson Ranch R70,- p.p. Tanken: R7,17 per liter (ongeveer 47 liter getankt voor ongeveer 240 km)
Vrijdag 24 april ‘09 De camping is zo mooi gelegen in de vrije natuur dat je heerlijk ontspannen kunt genieten van een nieuwe dag. Na en bezoek te hebben gebracht aan het visitorscentrum om te betalen voor de dag hebben we een foldertje meegenomen voor nog even een wandeling te maken. Op het foldertje stond bij one way 2 uur en bij retour 0.45 uur. Nou dachten wij dus dat ze deze twee omgedraaid hadden dus wij vrolijk begonnen aan een wandeling, van wat wij dachten 2 uur. Onze eerste stop was de Cascades. Dit is een in etappes dalende waterval. Je kunt lekker door het water lopen. In eerste instantie is het wel erg koud maar daar wen je aan. De kinderen genoten. Echt een mooie kleine wandeling waar je leuk kunt picknicken voordat je terug gaat. Nou wij besloten ook nog een bezoek te brengen aan de Tiger Falls. Nou dat was wel een mooie route maar het is vrij lang en het eerste gedeelte gaan over betonplaten steil tegen de berg op. Toen we op het punt stonden om om te draaien ging het pad van de betonplaten af de vrije natuur in. Dit was voor de damentjes een goede afwisseling en werd er besloten om toch maar door te gaan. De Tiger Falls is een waterwalletje van niks, en dat ondanks dat de natte periode net achter de rug is. De uitzichten die je tijdens deze wandeling hebt zijn daar in tegen meer dan de moeite waard. De route was eigenlijk voor onze kinderen net iets te lang. Hij bleek 6 km te zijn dus dat konden ze wel maar de steilte is toch zeer vermoeiend. Doordat we ons nogal vergist hadden in de tijdsduur van deze wandeling leek het ons beter om nog een nacht op de Mahai Camping door te brengen in plaats van in de schemering of misschien zelfs donkerte te moeten zoeken naar een camping. Dit ondanks dat we nu een plaats over moeten slaan. Dat is het fijne als je niets gereserveerd hebt, dan kun je de route makkelijk aanpassen.
Afstand: 4 KM Reistijd: 10 min. Overnachting: Royal Nathal Mahai Camp Kosten: R210
Zaterdag 25 april 2009: De ochtend begon vroeg. Omdat we nu een plaats overgeslagen hebben, hadden we een rijdag en zijn we dus op tijd vertokken. Bij het visitorcenter zaten vrouwen van grassen mandjes etc. te maken. Daar zaten echte kunstwerken bij. Eenmaal buiten het park zijn we via de Woodstok Mountaindrive (Richting Dukuza aanhouden) naar Bergsville gereden. Pas wel op voor loslopende (en dus ook onverwachts overstekende) dieren. Onderweg zie je centrale watertappunten en je komt langs een dam waar er watersportmogelijkheden zijn. De route is rustig en mooi. De weg naar Bergsville is slechts 60 km lang maar duurt 1,5 uur. Bergsville zelf is niet zo spectaculair. Winterton is wel aardig. Het is een iets wat grotere plaats waar je goed boodschappen kunt doen. Weg 103 staat niet zo goed aangegeven. De weg is wel goed en heeft weidse vlakte met lage bomen. Onderweg, ongeveer 25 km voor Lidgetton, kom je langs het monument ter nagedachtenis aan de plek waar Nelson Mandela in 1962 opgepakt werd. Bij Lidgetton zijn we de snelweg opgegaan richting Durban. Dit gedeelte van de N74 is wel weer tolweg. De omgeving is groen bebost. Bij Durban zijn we de kustweg (N102) opgegaan richting Ballito. In Ballito reden we even verkeerd maar met een Hollandse mond kom je ver. We overnachten bij het Dolphin Holiday Resort. Deze camping ligt dicht bij het strand en tegenover een klein winkelcentrumpje met supermarkt en bar, heeft een eigen zwembad, restaurant, speelgelegenheden voor kinderen etc. Iedereen heeft een door bomen en struiken afgezette plaats. Ondanks de begroeiing is er toch contact met de buren mogelijk. (Helaas zat het weer niet mee waardoor wij binnen zaten en contact met de buren niet op gang kwam.) Echt een luxe camping. Ook hier kun je weer onderhandelen om de afwas te laten doen of zelfs om je voortent af te laten breken etc.
Afstand: 345 KM Reistijd: 6,5 uur Overnachting: Dolphin Holiday Resort Kosten: R295 Tanken: R6,80 per liter (ongeveer 37 liter getankt voor 272km (ongeveer 1 liter op 7km)
Zondag 26 april 2009 De ochtend begon goed. We deden de deur van de camper open en zagen allemaal kleine aapjes wegspringen. Dat was heel erg spannends. Na even bij de aapjes gekeken te hebben zijn we uitgenodigd om bij de buren (Lex, Deborah, Alexa en Byron) op de koffie te komen. Het ontbijt werd vervangen door koekjes, worst, ijsjes etc. Maar ach, een gesprek met Zuid Afrikanen is altijd leuk. Tegenover de camping zit een klein winkelcentrumpje en het strand ligt ook op een steenworp afstand. Hier zijn we nog even wezen genieten van het warme zeewater voordat we naar de volgende bestemming reden. De route (gedeeltelijk via de King Shaka Heritage route) was anders dan we tot nu gezien hadden. Weg 102 liep tussen de suikerrietplantages door, vervolgens gingen weg 66 op die ons door de heuvels heel leiden met uitzicht op de suikerrietplantages en de armzalige dorpjes. Uiteindelijk veranderde het uitzicht, toen we de R34 opgingen (pas op voor de drempels als je de R34 indraait) , in citrusplantages. Het laatste traject dat we af moesten leggen was de 5km gravelroad naar Stewarts Farm. Nou dat was even afzien. Door de extreme regel die net voor onze aankomst was gevallen, waren grote delen van de weg weggespoeld en hadden ze nog geen tijd gehad om deze te repareren. Dit was leuk en omdat je zo extreem langzaam rijd kun je in alle rust genieten van het uitzicht. We werden vriendelijk onthaalt en op de achtergrond zag je de zulu kinderen ons bekijken. Na de eerste kennismaking met deze kinderen was het ijs gebroken en werd er vol op gelachen om de verschillen in uitspraak etc. Stewart Farm ligt afgelegen naast een Zuludorp en heeft een nauwe samenwerking met het dorp. De rondavels verschillen tussen familiekamers, de nieuwere versie (dus onder stenen en boven een rieten dak) of authentieke Zulu hut (rondavel) waar het riet tot aan de grond is en de deur slecht 1 m. hoog is. Het merendeel van de rondavels heeft 2 enkele bedden. Gabi en Lara mochten kiezen waar ze wilde slapen en zij besloten om een eigen authentieke Zulu hut te nemen. Aangezien deze hutjes 2 enkele bedden hebben namen wij de hut naast die van hun. De kinderen genoten hiervan. Ze hadden hun ‘eigen’ huisje! Het avondeten bestond uit echt zulugerechten zoals putu (maismeel) en gebarbecued vlees etc. Nog even snookeren en dan is het bedtijd.
Afstand: 140 KM Reistijd: 2,5 uur Overnachting: Stewarts Farm Kosten: R 404,- p.p.p.n. (incl. eten)
Maandag 27 april 2009 De nacht was goed verlopen. Ik ben er slechts 1x uit geweest voor de kinderen. Ze hebben goed geslapen in hun ‘eigen’ huisje. Het enigste wat een beetje vervelend was, was dat de haanom 3.30 uur al begon te kraaien. (Toen ik hier later iets van tegen Roy (manager van Stewart Farm) zei, werd er de grap gemaakt dat hij hem wel zou ombrengen. Nou dat was niet nodig. ’s Avonds moest ik hier nog even aan terug denken toen ik zag dat we kip aten) Na een heerlijk ontbijt (geen luxe maar wel erg lekker) hebben we een wandeltour gehad door het Zuludorp. Hier kregen we uitleg over het leven van de Zulu mensen en hun manier van leven. Zo is bijv. de alcoholiste van het dorp bijv. getrouwd met de priester, is er een klein winkeltje, lopen de koeien hier los rond, maken ze hun eigen bier (2% alcohol) en woont de songoma (traditionele geneesheer) er. De songoma kan d.m.v. het gooien van schelpen/stenen etc. een reading geven over een vraag die je stelt. Nou geloven wij niet in dit soort dingen maar ach… op vakantie moet je af en toe eens gek doen. Nou ik raad iedereen aan om goed na te denken over wat men vraagt want hij is beangstigend goed. Hij vertelde ons dingen die hij helemaal niet kon weten maar die stuk voor stuk waar waren. Na de lunch wilde Gabi en Lara weer de Zulu kinderen zien dus vroegen we Roy of we mochten kijken of ze wilde komen spelen. Nou dat vonden de Zulu kinderen wel leuk en Gabi en Lara werden dan ook direct op de heup gezet en liepen ze mee naar ons verblijf. Na wat onwennigheid kwamen ze allemaal los. Het werd ons, Roland Suzanne Gabi en Lara, maar al te duidelijk hoeveel luxe wij hebben. De kleurtjes, zachte bal, loco spelletjes etc. het kwam allemaal te voorschijn en Gabi en Lara konden met handen en voeten uitleggen hoe de spelletjes werkte en dat de kleurtjes en kleurplaten voor iedereen waren. Ook kregen Gabi en Lara uitleg over de spelletjes die hun speelde zoals van plastic een bal maken en gooien (dan zijn die zachte stressballen toch wel lekker) en dansjes op traptreden etc. De Zulukinderen genoten helemaal toen de bal tijdens het overgooien in het zwembad terecht kwam. Voordat wij er erg in hadden waren ze al in het zwembad gesprongen (met kleren aan) om de bal te redden. Nou dat hebben we geweten. Het balgooien eindige meer in een poolparty dan in overgooien. Wij hebben ons allemaal erg goed vermaakt en zullen deze herinnering nog lang met ons meedragen. Stewart Farm is van de Zulu comunity en wordt door Roy en Sonja geleased. Het is mooi om te zien dat er veel wederzijds respect is tussen de Zulu’s en Roy en Sonja. Je ziet niet echt autoriteit maar gelijkwaardigheid. Eerlijke arbeid en veel passie voor de Zulu cultuur. Zo kan Zuid Afrika dus ook zijn.
Overnachting: Stewarts Farm Kosten: R 404,- p.p.p.n. (incl. eten) Excursie: Walking tour R……
Dinsdag 28 april 2009 Na 25 minuten over de 5km lange garvelroad gedaan te hebben kwamen we weer op de verharde weg. Via de R34 zijn we door de suikerrietplantages en savana naar Empangeni gereden. Hier is het buiten druk met ‘kraampjes’ waar mensen hun waren proberen te verkopen en is een groot winkelcentrum waar je goed kunt shoppen. Hier hebben we ook onze boodschappen gedaan. Het was een hele rare ervaring om aangesproken te worden alsof je van daar bent (Roy kwam ons tegen en sprak ons aan om even snel een babbeltje te maken). Vervolgens hebben we de N2 richting Pongola genomen. Deze was vond ik minder interessant. Het is een aangeplant heuvellandschap waar de bomen strak in rijtjes staan. Het hele ruige van Zuid Afrika was weg. Eenmaal in St. Lucia hebben we eerst wat rondgekeken en zijn we naar het internetcafé gegaan. Hierdoor gingen we pas later naar Cape Vidal. De weg daar naar toe gaat door het iSimangaliso Wetland Park (voorheen Greater St. Lucia Wetland Park). Je gaat als een soort gamedrive door het park op weg naar de camping en ziet overal dieren. Echt schitterend. Vooral bij zonsondergang heb je mooie uitzichten. Eenmaal bij de camping aangekomen was het al donker. Dit was op deze camping niet echt prettig omdat je zo niet goed kon zien waar je kunt staan. De grond is zacht en in het donker de voorwielen op een blok zetten is moeilijk. Door de zachte grond heb je een aanloopje nodig als je de camper op blokken zetten, anders graaf je de achterwielen in. Niet echt een pretje. De camping is wel erg mooi gelegen. Via een klein paadje door de duinen kom je bij het strand. Het is er rustig al leven er veel brutale apen en hertachtige op de camping. De faciliteiten zijn minder. Het is allemaal verouderd en voor mijn gevoel mocht er vaker schoongemaakt worden.
Afstand: 155 KM Reistijd: 3 uur Overnachting: Cape Vidal Camp Kosten: R 320,- Tanken: R7.16 per liter (ongeveer 48 liter getankt voor 446km (ongeveer 1 liter op 9km))
Woensdag 29 april 2009 De ochtend begon goed. We moesten vroeg op want we moesten de camper nog uitgraven en het was nog 45 minuten rijden door het park voor we bij de nijlpaardentour waren. Nou we hadden onszelf dieper ingegraven dan we dachten dus het lukte niet zo 1,2,3 om weer los te komen. Gelukkig waren de parkwachters erg behulpzaam en hebben ze ons geholpen om los te komen. Toen vlug betalen en op weg naar de boot voor de nijlpaarden tour. Ik vond het erg jammer dat we zo moesten haasten want zo konden we niet echt genieten van de terugweg door het park. Eenmaal bij de stijger aangekomen was de boot al weg. Gelukkig waren ze alleen andere ophalen en kwamen ze terug om ons op de pikken. De boottocht duurde 2 uur en dat vond ik iets te lang. Vooral ook omdat je steeds moest wachten om iets te zien. We hebben wel nijlpaarden (met baby’s), krokodillen, reigers en verschillende soorten vogels gezien. Daarna was het weer tijd om naar de volgende camping te gaan. We durfde niet door Hluhluwe Game Reserve te rijden omdat het niet helemaal duidelijk was of de weg goed was. Nu schijnt het voortaan een verharde weg te zijn. Maar we hebben dus de snelweg genomen en vervolgens 11 km over onverharde weg naar Bushbaby Camp. We kwamen er nu achter dat hoe zachter je rijdt, hoe meer last je hebt van het wasbordenwegdek. Met 60 km per uur heb je er minder last van. Eenmaal bij Bushbaby Camp aangekomen te zijn hebben we eerst even rustig gekeken waar we zouden gaan staan. Daarna zijn we naar Hluhluwe Game Reserve gegaan waar we een eigen gamedrive hebben gedaan. We hebben allerlei dieren gezien van wilde zwijnen,buffels, impala’s, gnu’s, kudu’s, waterbokken, neushoorns en op nog geen 10 meter afstand een olifant. Echt geweldig. Jammer dat we niet meer tijd hadden om het park te bezichtigen en dieren te spotten. ’s Avonds hebben we op weg naar de camping nog even boodschappen gedaan in Hluhluwe. Dit plaatsje heeft meerdere supermarkten en er staan op straat de nodige kraampjes. Het ziet er daardoor allemaal wat rommelig uit maar we hebben goed vlees kunnen inslaan voor een gezellig barbecue op de camping waar we lekker gekletst hebben met de andere campinggasten. Na het avondeten kwamen we een minpuntje tegen van de camping. De afvoeren van alle wasbakken zaten op elkaar aangesloten en de afvoerpijp zat verstopt. Door de droogte en het niet goed functioneren van de automatische meter die de waterton, als deze te leeg raakt, aanvult was de druk te laag bij de douches. Pim en zijn vrouw (de eigenaren van de camping) stonden positief tegenover opbouwde kritiek en waren er blij mee zodat ze het konden verhelpen. Voor de rest was het een geweldige camping. De camping heeft mooie plaatsen, in het midden een gezamenlijke barbecueplaats, gezamenlijke keuken met koelkast en kastjes met serviesgoed en pannen, een zwembad, een gezellig restaurant en loungeroom met bar enz. Echt een plek om tot rust te komen.
Afstand: 120 KM Reistijd: 2 uur Overnachting: Bushbaby Camp Kosten: R 180,- Donderdag 30 april 2009 Vandaag was weer een wat langere dag. Na nog even lekker rondgekeken te hebben op de camping zijn we door gereden naar Swaziland. Via de N2, een eenbaansweg door weidse vlaktes en bossen/struiken, zijn we richting Golela gereden. Onderweg zagen wij hoe ze in Zuid Afrika aan werkverschaffing doen. Met kapmessen, dus krom staan en hakken, stonden ze naast de snelweg het gras te trimmen. Echt apart om te zien hoor. Bij Golela zijn we de grens met Swaziland over gegaan. Dat was ook een heel ervaring. Eerst moesten we ons melden omdat we Zuid Afrika verlieten. Dan kregen we een stempel, vervolgens moesten we naar het volgende gebouwtje lopen om ons te melden dat we Swaziland in gingen. Kregen we weer een stempel en konden we naar het volgende loket om R50,- te betalen zodat we gebruik mochten maken van het wegennet. En dan mocht je pas doorrijden. Nou reken hier maar minimaal een half uur voor. Wat me wel opviel is dat ze bij de grens proberen iets aan het aids probleem te doen. Er stonden doosjes met condooms waar je gratis condooms kon pakken. Alleen hoe leg je aan kinderen van 4 en 6 jaar uit wat dat zijn en waarom die daar staan! Eenmaal in Swaziland zijn we via Hwy 8 naar het Mlilwani Game Reserve gereden. De overgang tussen Zuid Afrika en Swaziland is minder merkbaar dan ik verwacht had. We hebben nu natuurlijk ook al veel armoede gezien dus de overgang was niet zo schokkend. Onderweg was het goed opletten op de snelheidsborden. Deze verschilde tussen 60, 80, 120, 80, 60, 120 km per uur. En dat allemaal op een en dezelfde weg. Eenmaal bij Mlilwani Game Reserve aangekomen hebben we ons eerste gemeld dat we het park in wilde. Toen door naar de camping om ons daar te melden. Onderweg hadden we al een gamedrive door het park heen en hadden al heel wat dieren gezien zoals struisvogels, impala’s, zebra’s en zelfs een krokodil. Op de brug moesten we wachten omdat een paar paarden niet verder wilde. Toen we gingen kijken lag er een krokodil op de weg waardoor er oponthoud was maar dat was niet erg. Het is mooi om te zien. Eenmaal op de camping kregen we een plek aangewezen waar we konden gaan staan. We hadden een fraai uitzicht. Op de camping zelf liepen zwijnen, herten enz. rond. Je voelt je echt een met de natuur. De camping heeft een zwembad, schommels, gezamenlijke barbecue plaatsen, wasgelegenheden en gezamenlijke drooglijnen, een restaurant, winkel en je kon fietsen huren. Het enige nadeel was de dat de douches een douchegordijn hadden en dus weinig privacy boden. Het buffet in het restaurant was lekker. Het viel ons alleen op dat het er stikt van de Nederlanders. Misschien troffen we dat nu maar op onze hele reis hadden we slechts 1 Nederlands gezin gesproken en nu zaten er 8 Nederlands sprekende gezelschappen.
Afstand: 270 KM Reistijd: 5 uur Overnachting: Mlilwani Game Reserve Kosten: R60 p.p. Tanken: R7,27 per liter (ongeveer 45 liter getankt voor 344km (ongeveer 1 liter op 7,5km))
Vrijdag 1 mei 2009 Na een ontbijtje en de was aangezet te hebben zijn we gaan fietsen. Dat was heel leuk. De kinderen hadden alleen nog niet het besef dat als je omlaag wilt fietsen je ook omhoog moet. In dit geval, eerst omhoog en dan pas omlaag. Dat vonden de meiden iets minder. Maar de omgeving maakte het wel goed. Je fietst tussen de gnu’s, zebra’s, impala’, struisvogels etc. door. Dat is toch wel heel apart hoor. De zebra’s lijken gewend te zijn aan mensen die daar fietsen en blijven ook mooi in de berm staan grazen. Je zou haast zeggen dat het eng is om zo dicht bij wilde dieren te fietsen. Na de lunch zijn we weer vertrokken naar Zuid Afrika. Eenmaal ten noorden van Mbabane verdwijnt de savanne en krijg je rotsbergen. Ook krijg je meer armoede te zien en is het er ook allemaal meer chaotisch. Overal staan kraampjes met verkoopwaar. Er lijkt hier minder verschil te zijn tussen arm en rijk, of ze hebben minder te verbergen, want je mist hier de hoge muren met prikkeldraad . De wegen zijn redelijk goed met uitzondering van de Piggs Peak. Hier zitten grote gaten in het wegdek. Onderweg, buiten de dorpjes, zie je soms kraampjes waar kleine kinderen in bananenkleding toeristen lokken om wat te kopen. Wij zouden hier zeggen ‘pure kindermisbruik’, maar daar is dat heel gewoon. Ze laten de jongste kinderen dansen om mensen te lokken en de oudere kinderen het verkoopwerk doen. Ook hebben ze geen kleingeld dus wordt je eigenlijk ‘gedwongen’ meer te kopen dan je eigenlijk van plan was. En dan heb je iets gekocht en dan vragen ze nog geld voor de dansende kinderen ook. Maar koekjes en wat ranja is een goede manier om dit af te kopen. Je wordt uiteindelijk wel heel hartelijk uitgezwaaid. Ook bij het tanken wordt je bestormt door mensen die iets aan je willen verkopen. Gelukkig is het niet op een opdringerige manier. Bij de douane ging het allemaal vlotjes. Maar ook nu moesten we eerst een stempel halen om Swaziland te verlaten en een stempel halen om Zuid Afrika weer in te mogen. Bij de douane stonden allemaal mensen in feestkleding met vlaggen om i.v.m. de 40jarige verjaardag van de koning van Swaziland. We kwamen er alleen wel achter dat ze niet blij zijn als je foto’s maakt zonder te vragen maar ja…. Eenmaal in Zuid Afrika was het weer slechter geworden, maar het rotsgebergte waar je doorheen rijdt is schitterend en dat maakt veel goed. Nu merkte je ineens wel een grote overgang tussen Swaziland en Zuid Afrika. Het rommelige van Swaziland was weg en er heerste een bepaalde rust. Eenmaal bij Kruger National Park aangekomen mochten we het park niet in. Alle campings waren volgeboekt (wij kwamen er tijdens een feestweek, maandag en donerdag beide een feestdag dus veel mensen namen de gehele week vrij, maar ook in de normale weekeinde is het hier druk en is de kans om terecht te kunnen klein (althans dat zeggen ze)). Nou dat was dus een grote teleurstelling. Dus toen maar even genieten van de kudde olifanten bij een mooie ondergaande zon. Dit is een beeld dat ze ons niet meer afpakken. Echt schitterend. Maar al snel kom je weer bij je positieve en moet je een plek vinden om te slapen. Campings buiten het park zijn er niet dus op zoek naar iets anders. Na veel vragen en zoeken kwamen we uiteindelijk in Malalane bij Paradise Creek. De nachtwaker pleegde even een telefoontje en we konden terecht. Nou dat was wel even een opluchting. Zoeken in het donker is in Zuid Afrika niet echt aan te raden. Paradise Creek heeft meerdere huisjes voor 2 tot 6 personen, het heeft een zwembad en een restaurant. Elk huisje heeft een eigen kookplaats (buiten) met gasfornuis en barbecue. Ze hebben, ondanks dat het niet gunstig ligt, de aankleding zo gemaakt dat je het gevoel hebt dat je ver van de bewoonde drukke wereld af bent. Echt een plek om even tot rust te komen.
Afstand: 215 KM Reistijd: 4,5 uur Overnachting: Paradise Creek (Lodge) Kosten: R495 p.n. voor een 4 persoonshuisje. Excursie: Fietsen huren zonder gids kost R85,- per persoon per uur Tanken: SZL 6,55 per liter (ongeveer 31 liter getankt voor 260km (ongeveer 1 liter op 8 km)) Getankt in Swaziland
Zaterdag 2 mei 2009 Na een ontspannen ontwaken zijn we boodschappen gaan doen. Toen op naar Kruger National Park voor een eigen gamedrive dan maar. We kwamen om 10.15 uur bij de gate en mochten niet naar binnen want het maximaal aantal auto’s was al in het park. Er mochten bij de Malelane gate naast degene die een reservering hadden slechts 500 dagbezoekers het park. Weer een tegenvaller. Het schijnt dus dat mensen al om 5 uur in de rij stonden zodat ze om 6 uur, dan ging het park open, naar binnen konden. Nou dat kun je dus vergeten. Dat doen we dus niet met 2 kleine kinderen. Toen maar een georganiseerde gamedrive geregeld. Deze vertrok ’s middag dus zijn we nog even lekker gaan ontspannen bij het zwembad. De excursie per gamedrive was wel aardig. We hebben dieren gezien zoals olifanten, giraffen, kudu’s impala’s, mooie vogels, neushoorns en een slang. Ondanks dat we veel gereden hebben, vind ik dat we te weinig gezien hebben voor de prijs die we betaald hebben. Een gamedrive met eigen auto kost R120,- p.p. en een georganiseerde gamedrive kost R585,- per persoon. Maar ja heel dit stuk gekomen en dan Kruger National Park nog niet zien was ook geen optie. Achteraf kwamen we er achter dat we ook een reservering hadden kunnen maken voor een dagbezoek, dit kost je R20,- p.p. extra maar dat is heel wat goedkoper dan een georganiseerde gamedrive en bovendien kun je dan langer dan 3 uur het park in.
Overnachting: Paradise Creek (Lodge) Kosten: R495 p.n. voor een 4 persoonshuisje. Excursie: Georganiseerde gamedrive van 3 uur door Kruger NP kost R585,- p.p.
Zondag 3 mei 2009 Vandaag zijn we eerst begonnen met een duik in het zwembad. De temperatuur was ongeveer 20-25°C dus een koud zwembad was wel lekker. Daarna zijn we gaan pakken en om 10 uur vertrokken we naar Sabie. Langs de snelweg, N4, lagen een aantal grotere plaatsen en sinaasappelplantages. Het landschap wordt bergachtiger en toont ook veel minder armzalig. We hebben de 539 genomen naar de Sudwala Caves. De weg er naar toe is smal en kronkeled. Best spannend als je een tegenligger kreeg. Bij de Sudwala Caves hebben we een rondleiding gehad waar we uitleg kregen over de Sudwala mensen die de grot in gevlucht waren. Het was ook heel verbazingwekkend dat er geen echo in de grot was. De akoestiek is er erg goed en daarom worden er ook concerten en theatervoorstellingen gegeven in de grotten. Daarna ook maar even een kijkje genomen bij het naastgelegen Dinosaurus Park. Ik vond het wel aardig opgezet maar je mist niets als je het niet gezien hebt. Inmiddels was het weer ook omgeslagen en begon het te regenen. Toen maar verder naar Sabie waar een luxe camping op ons wachtte. Ik had ze gisteren gebeld of er nog plaats was en ze lachte. Eenmaal aangekomen bij de camping snapte ik waarom, het was er bijna uitgestorven. Raar eigenlijk; Je zit maar 60 km van Kruger National Park, waar ze met de benen buiten hangen, en hier is er niets te doen. De camping is wel luxe, er is niet alleen een koud maar ook een verwarmd zwembad, een restaurant, grote speeltuin met klimattributen en trampolines, en een game hal met o.a. pouletafels, voetbaltafel, gokautomaten. Dus niet verkeerd. De temperatuur was inmiddels gedaald naar ongeveer 15°C dus kwam het verwarmde zwembad goed van pas. Heerlijk, buiten lekker fris en dan in warm water zwemmen.
Afstand: 150 KM Reistijd: 2 uur Overnachting: Merry Pebbles Camp Kosten: R310 p.n. Excursie: Tour in de Sudwala Caves kosten R50,- p.p., kinderen (5 t/ 15 jr.) betalen R20,- Sudwala Dinosuarus Park kost …? (niet zo gek veel)
Maandag 4 mei 2009 De ochtend begon goed. We spraken een Nederlands gezin met klein kind dat ook aan het rondreizen was. Eigenlijk te laat begonnen we onze trip over de panoramaroute. Het werd ons al gauw duidelijk dat we ineens in een heel andere natuur terecht waren gekomen. Alles heel groen en volgens mij ook aangeplant. Zo strak. Het was de bedoeling dat onze eerste stop de Mac Mac pools zouden zijn maar daar reden we voorbij, dan maar o p de terugweg. (Helaas niet gehaald want op de terugweg was het al weer donker.) Dan maar naar de Mac Mac Falls. We kwamen tot de parkeerplaats en verder konden we niet komen (het was afgezet i.v.m. werkzaamheden). Na even wat bij de kraampjes gekeken te hebben zijn we maar weer verder gereden. De eerste stop waar we echt konden genieten was bij God’s Window. Het uitzicht is er schitterend. De echo is voor de kinderen geweldig, vooral als andere mensen antwoord geven. De klim omhoog vonden de kinderen een beetje saai totdat we bij het Nature Rain Forest aan kwamen. Lekker klauteren over de stenen enz. De kinderen waren ineens hun vermoeidheid vergeten. Daarna wordt je ook nog eens verrast door een mooi uitzicht. Echt geweldig deze stop. De volgende stop op onze route is The Pinnacle. Ook dit is weer verbazingwekkend. Een grote rotsformatie in de vorm van een pilaar. Geheel vrijstaand. Wat kan de natuur toch mooie dingen scheppen. Daarna naar Bourkes Luck Potholes. Echt raar om te zien wat erosie kan doen met gesteente. De waterval en de uitgeslepen gesteente hebben iets aparte. Ik weet niet hoe het beschrijven maar nu zien we allemaal verschillende soorten natuur en wat de natuur allemaal kan doen. Op na onze laatste stop, de Three Rondavels. De zon was al aan het ondergaan maar we mochten nog net door de poort. Bij het parkeerterrein werden alle souvenirkraampjes al afgedekt, tijd om naar huis te gaan. Wij gingen nog even kijken bij het uitkijkpunt, schitterend om te zien hoe de zonsondergang zijn licht schijnt over de rondavels. Ook weer een heel apart natuurschoon. Eenmaal terug bij de parkeerplaats waren alle souvenirkraampjes verlaten. Onder een deken lagen de te verkopen souvenirs. Zoveel vertrouwen dat de souvenirs niet meegenomen worden door toeristen is merkwaardig. Op de terugweg werden we aangehouden door de politie. Nou dan denk je dat er iets aan de hand is maar blijkbaar is de controle scherp als het eenmaal donker is. De papieren en lichten, alles werd gecontroleerd. Toen alles goed was mochten we doorrijden. Onderweg zagen we fietsers, wandelaars en auto’s die zonder licht zich over de weg verplaatsten. Echt even verschieten als je in het donker ineens een gedaante aan de rand van de weg ziet lopen. Dan begrijp je ineens wel dat ’s avonds extra gecontroleerd wordt en waarom. Na alle savanneachtige gebieden is de panoramaroute ineens heel erg groen en een schitterende natuur. ’s Avonds zijn we wezen eten bij de Wild Fig Tree in Sabie. Het restaurantje leek uitgestorven. Het enigste wat er te doen was, was dat er af en toe mensen kwamen om te internetten. Je kunt hier een computer gebruiken of je eigen laptop (Wifi). Het eten was goed en niet duur. Vooral de toetjes zijn om je vingers bij op te eten.
Afstand: 175 KM Reistijd: 7 uur (inclusief stops) Overnachting: Merry Pebbles Camp Kosten: R310 p.n. Excursie: Bourkes Luck Potholes kost R25 p.p. kinderen van 6-12 R15 en de camper kost R5 Tanken: R 7,39 per liter (ongeveer 46 liter getankt voor 365km (ongeveer 1 liter op 8 km))
Dinsdag 5 mei 2009 De ochtend begon met een kleine tegenslag, het warmwater zwembad was leeg voor onderhoud. Dan maar inpakken en wegwezen. Op richting Pretoria. We hebben eerst nog de senic road (R37) genomen naar Lydenburg, waar we gekeken hebben bij de Long Tom Cannon en via de Long Tom Pass hebben gereden. Deze weg is wel aardig, Het is in ieder geval een rustige weg. Nadeel is dat de kans bestaat dat je achter een vrachtwagen met boomstammen komt te zitten en je door het slechte zicht en de kronkelweg niet in kunt halen. Onderweg hebben we nog even boodschappen gedaan. Het was een beetje een raar winkelcentrumpje. Het lag tegen estate The Boulder aan. Je zag alleen maar blanken en de estate was ommuurt met daarboven prikkeldraad. Bij de slagboom om de estate in te kunnen stonden bewakers. Het zag er nogal beveiligd uit. Wel raar om zo te zien. Bij mij kwam al direct de vraag omhoog wie er nu het vrijste is, of de mensen die in een totaal beveiligd estate wonen of de mensen die in een shach wonen. Bij Lydenburg zijn we via de R540 naar Belfast gereden. Onderweg kom je door het plaatsje Dullstroom, een dorpje dat gezellig aandoet. Uiteindelijk zijn we in Belfast de N4 richting Pretoria op gegaan. Bij Middelburg moesten we R37,- tol betalen. Omdat het al later begin te worden besloten we niet door te rijden naar Pretoria maar bij Bronkhorstspruit een camping te zoeken. Dit was even zoeken. Uiteindelijk besloten we de camping in Ezemvelo Nature Reserve te nemen. Dit stond goed aangegeven. Alleen bleken de laatste 20 km over onverharde weg te gaan. Gelukkig was de weg redelijk en met 60 km per uur ging het goed. Eenmaal bij het park aangekomen werden we hartelijk verwelkomt. Achteraf snap ik wel waarom, het was er echt uitgestorven. We waren de enigste die hier kampeerde. Dit gaf wel een raar gevoel hoor als je de medewerkers ’s avonds weg ziet rijden en je daar alleen achter blijft tussen de apen en hertjes enz. Het uitzicht over het meertje met de zonsondergang in het water was schitterend. Alleen werden we ineens verrast door een schreeuw uit de camper. Zat er ineens een aap op de deur (raam stond open). Nou dat was een goede les om extra alert te zijn op de, zoals Lara het zo mooi omschreef wijzende met haar vingertje naar de aap, “brutale aap”. De faciliteiten zijn wat verouderd maar wel netjes. De rust is geweldig, geen snelwegen die je hoort of herrie van mede campingbezoekers (radio’s zijn verboden). ‘s Weekends blijkt dit een uitvalbasis te zijn voor mensen uit Johannesburg en Pretoria maar door de weeks is het er verlaten.
Afstand: 315 KM Reistijd: 6.30 uur Overnachting: Ezemvelo Rest Camp Kosten: ? Tanken: R 7,24 per liter (ongeveer 44 liter getankt voor 370 km (ongeveer 1 liter op 8 km))
Woensdag 6 mei 2009 De ochtend begon goed. We wilde nog even een gamedrive door het park nemen voor we weer verder gingen. Nou dat hebben we geweten. Eerst verliep het rustig en hebben we veel dieren gezien zoals herten, impala´s, gnu´s, zebra´s etc. Maar toen we een kortere weg naar de uitgang wilde nemen ging het fout. Bijna op het einde lag er een plas water op de weg. Nou dan maar strak langs het hek af want daar leek het droog. Helaas voelde ik de achterkant wegglijden en kwamen we vast te zitten. Daar sta je dan. Maar weer proberen met gras onder de wielen enz. om los te komen maar dat lukte niet. Uiteindelijk kwam er iemand die vroeg of we hulp nodig hadden en al snel werd de tractor opgeroepen. Dat duurde even voor deze kwam maar gelukkig had hij ons er snel uitgetrokken. Inmiddels was het al middag geworden eer we op weg konden. Dat was een ochtendje om niet snel te vergeten. Eenmaal weer op de verharde weg hadden we een bezoek gebracht aan Sizanani Village (www.sizanani.org) . Dit is een community project waar er opvang is voor gehandicapte kinderen, er is een school voor gehandicapte kinderen, er is een ziekenhuis voor Aids patiënten, een weeshuis voor achtergebleven kinderen waarvan de ouders aan aids zijn gestorven en een fabriekje waar mensen die aids hebben kunnen werken of zo afleiding te krijgen van hun ziekte en een bijdrage te leveren voor dit community project. Ze maken hier knuffels (combinatie tussen een papagaai en een zebra) die verkocht worden. Op deze manier zamelen ze geld in om mensen eten te kunnen geven zodat ze hun medicijnen in kunnen nemen. Heel veel mensen hebben geen baantje omdat ze aids hebben en dat betekend ook geen geld voor eten. Maar de medicijnen moeten met voedsel ingenomen worden. Dit community project verzorgt daarom eten voor 9000 mensen uit de omgeving. Omdat ze dit niet alleen kunnen met het geld wat vrij komt bij het verkopen van de knuffels ze zijn afhankelijk van donaties om dit voor elkaar te krijgen. Dus mocht u een goed doel willen steunen, denk dat aan dit project. Het is schitterend om te zien wat ze hier allemaal doen. Wat eigenlijk een kort bezoekje zou worden, bleek wat langer te duren. Dus toen vlug maar weer op naar de volgende camping. Op de N4 (snelweg) moesten we tol betalen; Bronkhorstspruit R22, Pretoria R9, Brits R9 en bij Buffelspoort ook R9 (totaal dus R49,-, een schijntje i.v.m. de tolwegen in Europa). Je merkt wel dat je in de buurt van grote steden komt. De wegen zijn drukker en breder. Eenmaal voorbij Pretoria besluiten we op zoek te gaan naar een camping. Nou dat was even zoeken. We dachten er in Brits een te hebben maar deze was verlaten. Toen maar weer terug naar de snelweg. Inmiddels was het al weer donker geworden. Nu was het voor het eerst dat ik me niet op mijn gemak voelde. Ik was blij toen we weer bij de snelweg waren. Dan maar zoeken naar een andere camping. Uiteindelijk hebben we het gevraagd bij een benzinestation. Deze stuurde ons naar een camping 8 km verderop. Rijden we bij het benzinestation de weg op zien we tegenover het benzinestation camping ATKV Buffelspoort. Dus toen die maar genomen. Dat bleek een goede keuze te zijn. Het was een grote camping op de N104 aan het begin van het Magaliesberg Nature Reserve. De service was er goed, ze hadden een binnen en buiten (warm en koud) zwembad, verschillende barretjes en restaurantjes, bubbelbaden (tegen betaling), sportvelden, speeltuin enz. De faciliteiten waren netjes en schoon. We wisten niet wat de kosten zouden zijn maar ach dat zijn zorgen voor morgen. Nu hadden we tenminste een veilige plek (bij de ingang staat beveiliging) om te slapen.
Afstand: 242 KM Reistijd: 4 uur (inclusief fout rijden) Overnachting: ATKV Buffelspoort Kosten: R181 Tanken: R 7,26 per liter (ongeveer 38 liter getankt voor 310 km (ongeveer 1 liter op 8 km))
Donderdag 7 mei 2009 De ochtend begon rustgevend. Na een lekker duik in het buitenzwembad zijn we weer gegaan. Vol verbazing kregen we de rekening, slechts R181,- voor alle faciliteiten die de camping te bieden had. Toen weer naar de snelweg en op weg naar Pilanesberg Game Reserve. Het was even zoeken welke weg we zouden nemen maar het leek wel of elke weg daar uit kwam. Heel simpel te vinden dus. Toen naar de Manyana Rest Camp. Dit zag er al direct goed uit. In het kleine zwembad stond een fontein. Alleen jammer dat het water zo ijs en ijs koud was. Dit kon Lara niet tegenhouden en die wilde zwemmen. De camping had een restaurant, winkel, goede en schone faciliteiten. Later op de middag zijn we nog naar Sun City gereden. Sun City is ‘het Las Vegas van Zuid Afrika’. Dat wilde we wel eens zien. Bij aankomst moesten we intree a R70 p.p. betalen. Je kreeg dan wel voor R35 munten die je overal voor kon gebruiken, je kon er voor gokken maar ook gebruiken om iets te eten of te drinken. Eerst keken we bij het casino in het Cascades hotel. We hadden nu al zoveel armoede gezien dat we ook wel eens een van de duurdere hotels ter wereld wilde zien, dus gingen we op een tour naar The Palace of the Lost City. Dit is een hotel waar de goedkoopste kamer R3500 per nacht kost. Het hele hotel is in wildleven en vooral olifanten stijl. Bij aankomst voel je al direct in weelde. We krijgen de ingang, restaurant en zwembad te zien. Echt luxe allemaal. Wat overigens wel heel frappant is, is dat het slapen heel duur is maar het eten weer goedkoop is (althans voor Europese maatstaven). Deze tour is echt de moeite waard. Maar ook voor de kinderen is er van alles te doen. Je kunt een bezoek brengen aan Water World and Valley of the Waves, of op het strand spelen, er is een krokodillenfarm, een golfbaan en voor ouders die even zonder kinderen rond willen kijken is er een kinderopvang programma enz. Dus voor ieder wat wils. Helaas vloog de tijd voorbij en was het al weer tijd om terug te gaan naar de camping.
Afstand: …. KM Reistijd: 2.30 uur Overnachting: Manyana Camp Kosten: R95 (special rate, normal tussen de R160 en R270)
Vrijdag 8 mei 2009 De laatste dag is het nog even genieten van de gamedrives. ’s Ochtends hebben we met onze camper een gamedrive gemaakt. Het park heeft lage struiken dus we krijgen lekker veel te zien. Vooral de trektocht van de olifanten maakt een grote indruk. Ook kun je er heerlijk op afgesloten heuvels picknicken. Je hebt dan een heerlijk uitzicht over het meer en de dieren die er lopen. Wij zagen een nijlpaard. Er zijn toiletten en picknicktafels en zelfs barbecues. Dus alle mogelijkheden om lekker in de natuur je dag door te brengen. Toen we weer verder reden zagen we o.a. nog giraffen, zebra’s, impala’s, gnu’s, wilde zwijnen. Echt leuk. ’s Middags hebben we nog lekker gezwommen en snel wat gegeten voor we ’s avonds met de night gamedrive mee gingen. Het was wel aardig om ’s avonds op zoek te gaan met de hele wagen naar dieren. We hoopte nog de katachtige te zien maar helaas. Het enigste wat de zagen op dat gebied was een jakhals. Die hadden we deze vakantie nog niet gezien. Het was wel leuk maar je moet ook geluk hebben dat je wat ziet.
Overnachting: Manyana Camp Kosten: R95 (special rate, normal tussen de R160 en R270)
Zaterdag 9 mei 2009 Aan iedere vakantie komt een einde en dus ook aan die van ons. Na alles ingepakt te hebben moesten we de camper nog schoonmaken. Dit besloten we uit te besteden. Net voor de camping was een autowasserette (op zijn Afrikaans dan met emmertje en slang) en daar hebben we voor R150 de camper van binnen en buiten schoon laten maken. Nou hij glom weer. Echt zo schoon hadden wij hem niet kunnen krijgen in 2 uur tijd. Echt bespaar je de moeite om het zelf te doen. Daarna zijn we rustig richting Johannesburg gereden. Onderweg kwamen we door slechtweer. Jammer van de schone camper. Toen we eenmaal bij Bobo terecht kwamen was de buitenkant weer vies. De afhandeling ging goed. Gelukkig waren we goed verzekerd want we hadden schade gehad. Wanneer en hoe weten we niet maar het zat er wel. Na de afhandeling werden we weer naar de luchthaven gebracht. We waren rijkelijk vroeg maar op Johannesburg Airport kun je goed winkelen en eten. De terugvlucht ging goed. Behalve bij aankomst kwamen we er achter dat we een tas kwijt waren. Gelukkig is dit goed opgelost.
|